ECLI:NL:CRVB:2017:2496
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.G. Hink
- M. ter Brugge
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand alleenstaande ouder wegens verrekening kinderalimentatie
Appellante, een alleenstaande ouder met drie minderjarige kinderen, ontving aanvullende bijstand op grond van de Participatiewet (PW) naast een WIA-uitkering. Het college trok de bijstand met ingang van 30 september 2015 in omdat het totale inkomen, inclusief kinderalimentatie, de bijstandsnorm overschreed.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat de kinderalimentatie niet op de bijstand in mindering mocht worden gebracht omdat de bijstand volgens haar alleen voor haarzelf was bedoeld en niet mede voor de kinderen.
De Raad oordeelde dat de bijstand voor alleenstaande ouders mede ten behoeve van de kinderen wordt verstrekt en dat de kinderalimentatie daarom als inkomen moet worden meegeteld. Het beroep op een eerder arrest van de Hoge Raad faalde omdat dat arrest betrekking had op de berekening van kinderalimentatie en niet op de verrekening daarvan met bijstand.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de intrekking van de bijstand en verwierp het hoger beroep van appellante. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de bijstand omdat de ontvangen kinderalimentatie terecht op de bijstand is verrekend.