ECLI:NL:CRVB:2017:2511
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ernstig plichtsverzuim bij ongeoorloofd autogebruik
Appellant was werkzaam bij de gemeente Rotterdam en had een dienstauto in zijn vorige functie. Na functiewijziging leverde hij deze in, maar huurde vervolgens zonder toestemming een dienstauto bij een gemeentelijk verhuurbedrijf. Hij gebruikte deze auto bijna dagelijks voor woon-werkverkeer en privéritten, terwijl hij daarvoor een vergoeding ontving.
Het college verleende hem op 25 juni 2015 disciplinair ontslag wegens dit plichtsverzuim. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze besluiten.
De Raad oordeelt dat appellant de regels heeft overtreden door zonder toestemming de auto te huren en te gebruiken, wat onrechtmatige bevoordeling en financieel nadeel voor de werkgever opleverde. Ook het niet direct eerlijk zijn over het gebruik en het pas toegeven na confrontatie met gegevens, versterkt het oordeel.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat een collega die de auto gebruikte niet zonder toestemming huurde en eerlijk was over het gebruik. De opgelegde straf van ontslag wordt als proportioneel en gerechtvaardigd beschouwd gezien de hoge integriteitseisen aan appellant.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.