ECLI:NL:CRVB:2017:2596

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
18 juli 2017
Publicatiedatum
27 juli 2017
Zaaknummer
16/3857 AKW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 8:108 Awb
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens te late indiening afgewezen

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar het hogerberoepschrift werd niet tijdig ingediend. De Centrale Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk vanwege deze termijnoverschrijding.

Appellant heeft vervolgens verzet aangetekend tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. In het verzet zijn echter geen feiten of omstandigheden aangevoerd die zouden kunnen leiden tot de conclusie dat appellant niet in verzuim was bij het niet tijdig indienen van het hogerberoepschrift.

De Raad heeft geen aanwijzingen gevonden die het verzet rechtvaardigen en verklaart het verzet daarom ongegrond. Er is geen aanleiding om appellant te veroordelen in de proceskosten van het verzet.

Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep blijft niet-ontvankelijk wegens te late indiening.

Uitspraak

Datum uitspraak: 18 juli 2017
16/3857 AKW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 29 december 2015, 15/3395 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] , Marokko (appellant)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Zitting heeft: T.G.M. Simons
Griffier: D.W.M. Kaldenhoven
Ter zitting is niemand verschenen

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 16 december 2016 heeft de Raad het hoger beroep van appellant tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend.
Appellant heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest. Ook anderszins is de Raad daarvan niet gebleken.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons

KP