ECLI:NL:CRVB:2017:3041
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- E.C.R. Schut
- J.H.M. van de Ven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet-melding onroerend goed en bankrekening in Egypte
Appellant diende een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden. Uit onderzoek door het Internationaal Bureau Fraude-informatie bleek dat appellant onroerend goed in Egypte bezit ter waarde van circa €336.678,- en een bankrekening die niet was gemeld. Het college wees de aanvraag af en vorderde de eerder verleende voorschotten terug.
Appellant voerde aan dat hij de woning in Egypte huurde ten behoeve van zijn kinderen en dat het onderzoek onzorgvuldig was. De Raad stelde vast dat appellant geen duidelijke en volledige informatie had verstrekt over zijn vermogen en het gebruik van de woning. De Raad oordeelde dat het niet melden van het onroerend goed en de bankrekening een geldige grond is voor afwijzing van de bijstand, omdat het recht op bijstand daardoor niet kan worden vastgesteld.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank, verbeterde de motivering en veroordeelde het college in de proceskosten. Het beroep van appellant werd afgewezen omdat hij niet voldeed aan zijn mededelingsplicht en geen duidelijkheid verschaft over zijn financiële situatie.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de bijstandsaanvraag bevestigd wegens niet-melding van onroerend goed en bankrekening.