Uitspraak
CAK
OVERWEGINGEN
€ 143,98 per maand.
Centrale Raad van Beroep
Appellant werd door het CAK aangemeld als wanbetaler en kreeg een bestuursrechtelijke premie opgelegd. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt, maar dit werd niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, stellende dat bezwaar en beroep tegen de verschuldigdheid en hoogte van de premie niet mogelijk zijn.
In hoger beroep betwistte appellant dit oordeel, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en verwierp het hoger beroep. De Raad bevestigde dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht en de Bevoegdheidsregeling Bestuursprocesrecht geen bezwaar en beroep openstaat tegen de bestuursrechtelijke premie.
De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en bevestigde de aangevallen uitspraak. Hiermee is duidelijk dat de bestuursrechterlijke premie niet via bezwaar en beroep kan worden aangevochten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de bestuursrechtelijke premie wordt bevestigd.