Uitspraak
20 augustus 2014, 14/820 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
(Pb. 2000, nr. L 303/16, Richtlijn 2000/78/EG tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in arbeid en beroep) en over het arrest De Lange (arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (Hof) inzake J.J. de Lange van 10 november 2016, C-548/15). Het Uwv heeft zich op het standpunt gesteld dat de overwegingen van het Hof in het arrest De Lange eveneens opgaan in het onderhavige geval. Ook de bij de toetsing aan artikel 14 van Pro het EVRM en 26 van het IVBPR aangevoerde rechtvaardiging, gaat volgens het Uwv op in het kader van Richtlijn 2000/78.
BESLISSING
M.A.H. van Dalen-van Bekkum als leden, in tegenwoordigheid J.W.L. van der Loo als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 september 2017.