Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
een vergoeding voor twaalf uren huishoudelijke hulp per week;
vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, geboren in 1940 en uitkeringsgerechtigde op grond van de Wuv, heeft psychische klachten gerelateerd aan vervolging en ontvangt diverse voorzieningen, waaronder huishoudelijke hulp en een pgb voor een personal organizer.
Na een verzoek tot uitbreiding van huishoudelijke hulp naar drie dagdelen per week kende verweerder slechts twee dagdelen toe, met de motivering dat de pgb voor de personal organizer een deel van de hulp dekt. De medische adviezen bevestigen echter een indicatie voor meer dan twee dagdelen hulp vanwege chaotisch gedrag en maaltijdbereidingsproblemen.
De Raad constateert dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de inhoud en omvang van de pgb-voorziening en dat het besluit zonder kennis van relevante feiten is genomen. Daarom wordt het besluit herroepen en wordt appellante een vergoeding voor twaalf uren huishoudelijke hulp per week toegekend.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellante en het betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak vervangt het vernietigde besluit van 13 mei 2016.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en appellante krijgt twaalf uren huishoudelijke hulp per week toegekend.