ECLI:NL:CRVB:2017:3653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet aantreffen op opgegeven verblijfplaats
Appellant vroeg bijstand aan als dak- en thuisloze en gaf een tuinhuisje als verblijfplaats op. De gemeente Amsterdam voerde een onderzoek uit waarbij appellant op de opgegeven data niet werd aangetroffen op het adres. Het college wees de aanvraag af wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant niet aannemelijk maakte dat hij wel op het adres verbleef en niet adequaat had gecommuniceerd over zijn situatie, zoals het niet melden van zijn gehoorproblemen en afwezigheid op een dinsdagavond.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn stellingen, maar de Raad sloot zich aan bij de rechtbank. Ook het argument dat latere bijstand toekenning de eerdere aanvraag rechtvaardigde, werd verworpen omdat het om verschillende perioden ging.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt afgewezen omdat appellant niet op het opgegeven adres werd aangetroffen en zijn inlichtingenplicht niet nakwam.