ECLI:NL:CRVB:2017:4036
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening aanvullende beurs wegens onvoldoende inkomensdaling ouders
Appellante had een aanvullende beurs ontvangen op basis van een geschat gezamenlijk ouderlijk inkomen. De minister herzag dit besluit en stelde een lager bedrag vast, omdat het gezamenlijke inkomen van de ouders in 2015 ten opzichte van 2013 met minder dan 15% was gedaald, wat niet voldoet aan de wettelijke voorwaarde voor peiljaarverlegging.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij werd benadrukt dat alleen de gezamenlijke inkomensdaling telt, niet de afzonderlijke daling van de moeder. In hoger beroep voerde appellante aan dat het vertrouwensbeginsel werd geschonden, omdat DUO op haar website vermeldt dat een ouder met een inkomensdaling van minimaal 15% in aanmerking komt voor peiljaarverlegging.
De Raad oordeelde dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt, omdat het formulier en de informatie op de website duidelijk maken dat het gezamenlijke inkomen van de ouders bepalend is. Ook is niet gebleken dat appellante door het besluit in financiële nood is gekomen. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de aanvullende beurs bevestigd.