ECLI:NL:CRVB:2017:4076
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift niet-ontvankelijk wegens te late indiening ondanks intentie binnen termijn
Appellante ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor 2013, waarvan een deel van de verantwoording door het Zorgkantoor werd afgekeurd. Appellante diende een bezwaarschrift in tegen dit besluit, gedateerd 10 januari 2015, maar het werd pas op 16 maart 2015 ontvangen, na het verstrijken van de wettelijke termijn.
De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening en verwierp het beroep van appellante dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was. In hoger beroep handhaafde appellante alleen nog het standpunt van verschoonbare termijnoverschrijding.
De Raad oordeelde dat het besluit tijdig was verzonden naar het juiste adres en de termijn voor bezwaar was gestart op 4 december 2014 en geëindigd op 14 januari 2015. Hoewel appellante aannemelijk maakte dat zij het bezwaarschrift op 10 januari 2015 wilde indienen, bleef het risico van de late postbezorging voor haar. De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.