ECLI:NL:CRVB:2017:4183
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens te late betaling griffierecht
Appellant stelde hoger beroep in tegen een besluit van het UWV, maar betaalde het griffierecht te laat. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat appellant geen verschoonbare reden voor de termijnoverschrijding had gegeven.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat er sprake was van een misverstand over de procedure en dat een brief onjuist was geïnterpreteerd, maar kon dit niet onderbouwen met concrete gegevens zoals een gesprekspartner of datum van telefonisch contact.
De Raad oordeelde dat het risico van de verkeerde interpretatie voor rekening van appellant kwam en dat de brieven duidelijk waren met een ander zaaknummer. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een verschoonbare reden voor de te late betaling van het griffierecht.