ECLI:NL:CRVB:2017:4225
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing sollicitatie en verzoek schadevergoeding bij Minister van Defensie
Appellant, sinds 1979 werkzaam bij de Koninklijke krijgsmacht, solliciteerde op 31 juli 2015 naar een functie binnen zijn afdeling. Na selectiegesprekken werd hij op 15 september 2015 geïnformeerd dat hij niet de meest geschikte kandidaat was. Appellant maakte bezwaar en vroeg om financiële genoegdoening omdat de functie inmiddels aan een ander was toegewezen.
De minister handhaafde het besluit en wees het bezwaar af. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de minister in redelijkheid tot zijn oordeel kon komen. Appellant ging in hoger beroep en voerde onder meer aan dat de sollicitatieprocedure onzorgvuldig was en dat hij ten onrechte was afgewezen.
De Raad oordeelde dat de sollicitatieprocedure zorgvuldig was verlopen en dat de minister terecht had gekozen voor een beoordelingsvrijheid bij de selectie. De afwijzing was gebaseerd op het oordeel van de selectiecommissie dat appellant onvoldoende visie en invloed had getoond tijdens het gesprek. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat daarvoor geen grond bestond. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze niet op het verzoek om schadevergoeding had beslist en veroordeelde de minister in de proceskosten.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de minister in redelijkheid de sollicitatie mocht afwijzen en wijst het verzoek om schadevergoeding af.