ECLI:NL:CRVB:2017:649
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen toekenningsbesluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een toekenningsbesluit van een bovenwettelijke werkloosheidsuitkering uit 2009, maar dit bezwaar werd door de bestuurscommissie niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare reden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af.
In hoger beroep stelde appellant dat het bezwaarschrift wel was verzonden en verwees naar problemen bij de overdracht van de uitvoeringsorganisatie Loyalis naar WWplus. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat het bezwaarschrift daadwerkelijk was ingediend binnen de termijn. De verwijzing naar eerdere jurisprudentie bood geen steun voor zijn stelling.
Daarnaast kon in het hoger beroep niet worden ingegaan op de inhoudelijke juistheid van het toekenningsbesluit, omdat het hoger beroep zich beperkte tot de ontvankelijkheid van het bezwaar. Het verzoek om schadevergoeding, gebaseerd op billijkheid, werd afgewezen omdat het onderliggende besluit niet onrechtmatig was verklaard.
De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.