ECLI:NL:CRVB:2017:961
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging overgang naar Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie ondanks betwisting matchingcriteria
Appellante, werkzaam bij de voormalige politieregio Utrecht, was van mening dat de overgang naar de Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (LFNP) functie onterecht was vastgesteld op schaal 10, terwijl zij aanspraak maakte op schaal 12. Zij voerde aan dat de gebruikte matchingcriteria ondeugdelijk waren, met name het criterium ‘gewerkt hebben met niet-eerder verkende problematiek’, dat niet in de oude korpsfunctiebeschrijvingen voorkwam.
De rechtbank Amsterdam had het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de motivering van de korpschef en de toegepaste matchingregels onderzocht. De Raad oordeelde dat het gebruik van andere bewoordingen en begrippen dan in de oude functiebeschrijvingen geen reden is om het criterium als ondeugdelijk te beschouwen. Uit de Handleiding uitvoering matching LFNP 2013 bleek dat een vergelijking tussen oude en nieuwe functies mogelijk was.
De Raad achtte de motivering voor de toekenning van de LFNP-functie in schaal 10 inzichtelijk en niet onhoudbaar. Tevens wees de Raad het beroep op de hardheidsclausule af, omdat deze niet bedoeld is om de uitgangspositie te corrigeren. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot toekenning van de LFNP-functie in schaal 10 bevestigd.