ECLI:NL:CRVB:2018:1071
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijk verklaring verzoek om herziening sociale zekerheidsuitspraak
De zaak betreft een verzetprocedure tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 10 oktober 2017, waarin het verzoek om herziening van een eerdere uitspraak niet-ontvankelijk werd verklaard. Het verzoek om herziening was niet binnen de gestelde termijn van vier weken ingediend, en de Raad oordeelde dat verzoeker in verzuim was.
Verzoeker stelde in het verzetschrift dat onduidelijkheid bestond over welke bewijsstukken ingediend moesten worden en de inhoud van het verzoekschrift. Tijdens de zitting gaf verzoeker aan geen nieuwe argumenten te hebben om het verzoek om herziening te onderbouwen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het verzet ongegrond is, omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die het eerdere oordeel konden wijzigen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door H.C.P. Venema op 12 april 2018.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het verzoek om herziening wordt ongegrond verklaard.