ECLI:NL:CRVB:2018:1181
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toepassing kostendelersnorm bij vier bewoners zonder afwijking
Appellant ontving bijstand als alleenstaande en woonde met zijn ouders en meerderjarige zus op hetzelfde adres. Het college verlaagde zijn bijstand per 1 juli 2015 met toepassing van de kostendelersnorm, omdat vier meerderjarige personen op het adres woonden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij geen gezamenlijke huishouding voerde en de kosten niet kon delen, en dat zijn gezondheid een schrijnende situatie veroorzaakte die afwijking van de norm rechtvaardigde.
De Raad oordeelde dat artikel 22a van de Participatiewet dwingendrechtelijk is en geen ruimte laat voor afwijking, ook niet bij zorgbehoefte of schrijnende situaties. De kostendelersnorm houdt rekening met schaalvoordelen van het samenwonen, ongeacht feitelijke kostenverdeling of relatie tussen bewoners.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De kostendelersnorm wordt bevestigd toegepast zonder afwijking ondanks gezondheidsargumenten appellant.