ECLI:NL:CRVB:2018:1191
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand wegens niet tijdige schriftelijke aanvraag eigen bijdrage rechtsbijstand
Appellante vroeg bijzondere bijstand aan voor de eigen bijdragen van meerdere rechtsbijstandprocedures, maar het college wees dit af omdat de aanvragen niet binnen de gestelde termijn van twee weken na afgifte van de toevoeging schriftelijk waren ingediend.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en in hoger beroep betoogde appellante dat zij zich wel tijdig had gemeld via telefonische contacten en dat zij meerdere aanvragen mocht samenvoegen op één formulier. De Raad oordeelde dat alleen schriftelijke aanvragen rechtsgeldig zijn en dat de telefonische contacten niet als aanvraag gelden.
Daarnaast was de stelling van samenvoegen niet onderbouwd en de gemeentelijke beleidsregels staan slechts opsparen toe tot een bedrag van €100, terwijl de gevraagde bedragen hoger waren. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand voor eigen bijdragen rechtsbijstand is afgewezen wegens niet tijdige schriftelijke aanvraag.