Uitspraak
17.6279 AW
OVERWEGINGEN
€ 21,40 aan reiskosten, in totaal € 1.023,40.
BESLISSING
€ 250,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 2012 werkzaam bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Na een periode van goed functioneren ontstonden na invoering van het Nieuwe Werken in 2014 problemen in de samenwerking, met name tussen appellant en zijn leidinggevende. Ondanks coachingstrajecten gericht op het verbeteren van het sociaal functioneren en de arbeidsverhouding, concludeerde het ministerie dat de arbeidsverhouding onherstelbaar verstoord was en verleende de minister op grond van artikel 99 ARAR Pro eervol ontslag.
De rechtbank stelde echter dat de minister bevoegd was tot ontslag en kende appellant een ontslagvergoeding toe, omdat sprake was van duurzaam verstoorde arbeidsverhoudingen en een overwegend aandeel van de minister in het ontstaan daarvan. In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep anders: de verstoring was beperkt tot de relatie tussen appellant en de leidinggevende, terwijl de arbeidsverhouding met collega’s niet zodanig was verstoord dat voortzetting onmogelijk was.
De Raad stelt dat de minister onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar herplaatsingsmogelijkheden binnen het ministerie of rijksoverheid. Het coachingrapport gaf aan dat met aanpassingen nog verbetering mogelijk was. Daarom was het ontslagbesluit prematuur en niet bevoegd genomen. De Raad vernietigt het besluit en veroordeelt de minister in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslagbesluit van de minister wordt vernietigd en herroepen wegens onvoldoende bewijs van onherstelbaar verstoorde arbeidsverhouding.