ECLI:NL:CRVB:2018:1281
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep in sociale zekerheidszaak
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam inzake de intrekking van bijstand en een boete. Tijdens de zitting op 16 januari 2018 heeft het college aangegeven af te zien van handhaving van de bestreden besluiten en het opleggen van een boete.
Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht om veroordeling van het college in de proceskosten. Het college heeft geen verweerschrift ingediend en het onderzoek is op grond van artikel 8:57 Awb Pro achterwege gelaten.
De Raad heeft vastgesteld dat aan de voorwaarden van artikel 8:75a Awb is voldaan en heeft het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten voor bezwaar, beroep en hoger beroep. De totale proceskostenvergoeding bedraagt €3.006,-. Appellante kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het college claimen.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van €3.006,- aan proceskosten aan appellante na intrekking van het hoger beroep.