ECLI:NL:CRVB:2018:1371
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens niet overleggen gevraagde gegevens over hennepkwekerij
Appellant ontving bijstand en stond ingeschreven op een adres waar een hennepkwekerij werd aangetroffen. Het college verzocht appellant om binnen een gestelde termijn gegevens over de hennepkwekerij en kasstortingen te overleggen. Appellant reageerde niet tijdig, waarna de bijstand werd opgeschort en later ingetrokken.
Appellant voerde aan dat de brief niet op zijn juiste adres was ontvangen en dat hij in gesprek met een medewerker alles had doorgenomen. De Raad oordeelde dat de brief terecht naar het uitkeringsadres was gestuurd en dat het niet melden van een adreswijziging voor rekening en risico van appellant komt. Tevens was appellant niet in staat aannemelijk te maken dat hij geen inkomsten had uit de kwekerij.
De Raad concludeerde dat het college terecht gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheid tot opschorting en intrekking van de bijstand op grond van artikel 54 van Pro de Participatiewet. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens het niet tijdig en volledig overleggen van gevraagde gegevens wordt bevestigd.