Uitspraak
15.2211 ZW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, werkzaam als administratief medewerkster, meldde zich ziek met schouderklachten en ontving een Ziekengelduitkering. Het UWV stelde na een verzekeringsartsbeoordeling dat zij per 27 juni 2014 geschikt was voor haar arbeid, waarop het recht op ziekengeld werd beëindigd. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij zowel lichamelijk als geestelijk meer beperkt was dan aangenomen, met medische stukken die PTSS en mishandeling vermeldden.
De Raad benoemde een onafhankelijke psychiater als deskundige, die na uitgebreid onderzoek concludeerde dat er geen formele psychiatrische stoornis was die arbeidsgeschiktheid uitsloot. De verzekeringsarts bezwaar en beroep onderschreef dit oordeel, ondanks de aanwezigheid van spannings- en depressieve klachten. De Raad volgde deze deskundige beoordeling, oordeelde dat het UWV terecht het recht op ziekengeld had beëindigd en wees het verzoek om schadevergoeding af.
De Raad benadrukte dat het deskundigenrapport zorgvuldig en consistent was en dat de medische gegevens van appellante volledig waren betrokken. Ook de rugklachten stonden een hersteldverklaring niet in de weg. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Ziekengelduitkering is terecht per 27 juni 2014 beëindigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.