ECLI:NL:CRVB:2018:1680
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang bij beoordeling terugvordering
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam inzake een terugvordering. Tijdens de zitting gaf de gemachtigde van appellante een toelichting op de beroepsgronden, die vooral betrekking hadden op vragen over de hoogte van de terugvordering. Deze vragen werden ter zitting beantwoord aan de hand van uitkeringsspecificaties en een eerder opgesteld overzicht door het college.
Na beantwoording van deze vragen gaf de gemachtigde van appellante aan dat er geen beroepsgronden meer resteren tegen de aangevallen uitspraak. Hierdoor heeft appellante geen belang meer bij een verdere beoordeling in hoger beroep. De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en is gebaseerd op het ontbreken van belang bij appellante om het hoger beroep voort te zetten.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang bij appellante.