ECLI:NL:CRVB:2018:1762
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening nabestaandenuitkering wegens ontbreken nieuw feit
Verzoekster heeft opnieuw verzocht om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 20 december 2016, waarin haar verzet tegen een eerdere uitspraak ongegrond werd verklaard. De Raad heeft het verzoek behandeld op zitting, waarbij partijen niet verschenen.
Volgens artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan een onherroepelijke uitspraak slechts worden herzien op basis van feiten en omstandigheden die voor de uitspraak plaatsvonden, niet bekend waren en bij bekendheid tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden. Verzoekster heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd die aan deze criteria voldoen.
De Raad benadrukt dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de juistheid van de uitspraak. Het verzoek om herziening wordt daarom afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.