ECLI:NL:CRVB:2018:2359
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen WIA-betaalbaarstelling en specificaties
Appellante verzocht het UWV om haar WIA-uitkering wekelijks uit te betalen. Het UWV verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de betaalbaarstelling geen besluit is zoals bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Ook tegen betaalspecificaties over december 2016 en februari 2017 en een jaaropgave over 2016 werd bezwaar gemaakt, welke eveneens niet-ontvankelijk werden verklaard omdat deze documenten geen besluiten zijn in de zin van de Awb.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep handhaafde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelde dat de betaalspecificaties ongewijzigd waren ten opzichte van voorgaande maanden en daarmee geen besluit vormen. De jaaropgave bevatte slechts feitelijke informatie en is niet gericht op rechtsgevolg, waardoor bezwaar daartegen niet mogelijk is.
De Raad bevestigde dat het bezwaar tegen de betaalbaarstelling, betaalspecificaties en jaaropgave niet-ontvankelijk is en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door M. Greebe op 26 juli 2018.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.