ECLI:NL:CRVB:2018:2530
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor andere functies volgens Ziektewet
Betrokkene, laatst werkzaam als medewerker groenvoorziening, meldde zich ziek met psychische klachten en kreeg aanvankelijk ziekengeld op grond van de Ziektewet. Na een eerstejaars beoordeling werd vastgesteld dat hij geen recht meer had op ziekengeld omdat hij meer dan 65% van zijn oude loon kon verdienen met andere functies.
Betrokkene meldde zich opnieuw ziek, maar het verzekeringsgeneeskundig onderzoek concludeerde dat hij nog steeds geschikt was voor ten minste één van de eerder geselecteerde functies, waaronder productiemedewerker industrie. De rechtbank vernietigde het besluit en oordeelde dat een onjuiste maatstaf was gehanteerd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat de rechtbank onterecht was en bevestigt dat de maatstaf gangbare arbeid is, waarbij het voldoende is dat betrokkene geschikt is voor ten minste één van de geselecteerde functies. Er is geen nieuwe medische situatie gebleken die het standpunt van de verzekeringsartsen ondermijnt.
Daarom wordt het hoger beroep van appellant toegewezen, de eerdere uitspraken vernietigd en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat betrokkene geschikt is voor ten minste één van de geselecteerde functies en geen recht meer heeft op ziekengeld.