ECLI:NL:CRVB:2018:2722
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.P.M. Zeijen
- R.B. Kleiss
- R.P.T. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor lichte arbeid
Appellant werkte als medewerker klantonderhoud drie uur per week toen hij zich ziek meldde. Het UWV stelde vast dat hij per 25 september 2015 geschikt was voor deze lichte arbeid en beëindigde het recht op ziekengeld. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het medisch onderzoek zorgvuldig werd bevonden en de geringe belasting van de arbeid werd meegewogen.
In hoger beroep stelde appellant dat hij de uren nooit heeft gemaakt en dat het medisch oordeel onvolledig en onzorgvuldig was, omdat niet alle relevante specialisten waren geraadpleegd en zijn psychische klachten onvoldoende waren meegewogen. De Raad oordeelde dat de hersteldmelding rechtsgeldig was aangezegd en dat het medisch onderzoek voldoende was, inclusief de beoordeling van psychische en fysieke beperkingen.
De Raad concludeerde dat appellant geschikt is voor de maatgevende arbeid, mede omdat het werk voornamelijk zittend was en hij werd vervoerd. Er was geen aanleiding voor nader onderzoek of navraag bij specialisten. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd, zonder toekenning van schadevergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit dat appellant geen recht meer heeft op ziekengeld wordt bevestigd.