Uitspraak
6 juli 2017, 17/802 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland hoger beroep ingesteld. De termijn voor het indienen van het beroepschrift bedraagt zes weken en gaat in op de dag na toezending van de uitspraak aan partijen. De aangevallen uitspraak is op 6 juli 2017 aan partijen toegezonden, maar het beroepschrift is pas op 4 juni 2018 ontvangen, wat betekent dat het niet tijdig is ingediend.
De Raad heeft appellante verzocht een verklaring te geven voor de termijnoverschrijding. Appellante gaf aan dat zij de uitspraak psychisch moest verwerken en daardoor de beroepstermijn is vergeten. De Raad oordeelt dat dit geen verschoonbare reden is en verklaart het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep en uitgesproken in het openbaar op 18 september 2018.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare reden.