Uitspraak
17 3710 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
€ 2.004,-;
van € 170,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving bijstand vanaf januari 2009 en werd onderzocht nadat de Financial Intelligence Unit meldde dat zij tussen oktober 2010 en juni 2011 betrokken was bij meerdere money transfers. Het college herzag daarop de bijstand en vorderde terugbetaling van € 4.585,22 wegens niet gemelde inkomsten.
De rechtbank wees het beroep van appellante af, waarna zij in hoger beroep stelde dat zij geen verwijt treft omdat zij onder psychisch overwicht stond en geen inkomsten uit de transfers ontving. De Raad oordeelde dat de inlichtingenverplichting objectief is en verwijtbaarheid niet relevant is.
Omdat appellante geen bewijs leverde dat zij geen vergoeding ontving, kon het college het recht op bijstand niet vaststellen. De Raad bevestigde daarom de intrekking en de terugvordering van bijstand. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De intrekking van bijstand wegens niet gemelde money transfers wordt bevestigd met terugvordering en veroordeling van het college in proceskosten.