ECLI:NL:CRVB:2018:3626
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek bevestigd
Appellante, voormalig productiemedewerker, meldde zich ziek met psychische klachten en ontving een WIA-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling stelde het UWV dat appellante wel benutbare arbeidsmogelijkheden had, gebaseerd op een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en arbeidskundig onderzoek, waarna de uitkering werd beëindigd.
Appellante maakte bezwaar en voerde aan ernstiger beperkt te zijn dan vastgesteld, met onvoldoende urenbeperking en ongeschikte functies. Het UWV handhaafde echter het oordeel na aanvullend medisch en arbeidskundig onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel. De medische beoordeling was zorgvuldig, met betrokkenheid van behandelaars en een uitgebreide anamnese. De FML hield voldoende rekening met de beperkingen, en de geselecteerde functies zijn passend. Het hoger beroep faalt en de beëindiging van de WIA-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De beëindiging van de WIA-uitkering wordt bevestigd na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek.