ECLI:NL:CRVB:2018:3634
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Schoneveld
- J.T.H. Zimmerman
- J.C.F. Talman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens op geld waardeerbare activiteiten op markt
Appellant, die bijstand ontvangt op grond van de Participatiewet, werd op 10 juni 2015 om 13.55 uur op de markt in Rotterdam aangetroffen terwijl hij dozen vouwde waarin groenten en fruit hadden gezeten. Dit werd vastgesteld tijdens een onderzoek van de Inspectie SZW.
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam besloot op 8 december 2015 de bijstand over de periode van 10 tot en met 30 juni 2015 te herzien en terug te vorderen, een besluit dat na bezwaar op 31 mei 2016 werd gehandhaafd. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, stellende dat het vouwen van dozen als op geld waardeerbare arbeid moet worden aangemerkt.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het om een vriendendienst ging zonder vergoeding, maar deze stelling werd niet aannemelijk gemaakt. De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank en bevestigt het bestreden besluit. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens op geld waardeerbare activiteiten op de markt wordt bevestigd.