ECLI:NL:CRVB:2018:3767
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-aanvraag ondanks autisme spectrumstoornis en ADHD
Appellante, geboren in 1992, vroeg op 7 april 2011 om een Wajong-uitkering. Een verzekeringsarts stelde beperkingen vast op basis van ADHD en depressieve episode, waarna het UWV haar aanvraag afwees omdat er voldoende passende functies waren waarmee zij ten minste 75% van het maatmaninkomen kon verdienen.
Na bezwaar en beroep werd de afwijzing gehandhaafd. In hoger beroep stelde appellante dat haar beperkingen, mede door een later vastgestelde autisme spectrumstoornis (ASS), zwaarder wogen. Een door de Raad benoemde deskundige bevestigde de ernst van haar beperkingen, met name op sociaal functioneren en overprikkeling.
Een aangepaste Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) werd opgesteld met extra beperkingen. De arbeidsdeskundige selecteerde passende functies met weinig sociale interactie en voorspelbare taken. De verzekeringsarts bezwaar en beroep achtte deze functies medisch passend.
De Raad volgde het deskundigenrapport en de aangepaste FML, oordeelde dat de geselecteerde functies aansluiten bij de beperkingen van appellante en bevestigde het bestreden besluit. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De afwijzing van de Wajong-aanvraag wordt bevestigd omdat passende functies beschikbaar zijn ondanks de beperkingen van appellante.