ECLI:NL:CRVB:2018:3876
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening WIA-uitspraak wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker, die sinds 2 april 2009 arbeidsongeschikt is vanwege nek- en rugklachten, ontving een loongerelateerde WGA-uitkering op grond van de Wet WIA. Het UWV stelde vast dat verzoeker 43% arbeidsongeschikt is. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank en vervolgens de Raad bevestigden dit oordeel.
Verzoeker verzocht om herziening van deze uitspraak op grond van het feit dat het UWV volgens hem niet alle medische informatie had opgevraagd bij zijn behandelende specialisten, waardoor een onvolledig beeld zou zijn ontstaan. Tevens stelde verzoeker dat het UWV onwaarheden had verteld tijdens de behandeling van het beroep.
De Raad oordeelde dat herziening slechts mogelijk is bij nieuwe feiten of omstandigheden die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden. In deze zaak waren geen nieuwe feiten of omstandigheden naar voren gebracht. De medische informatie was wel aanwezig in het dossier, ook al was deze niet door de verzekeringsartsen zelf opgevraagd.
Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de WIA-uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.