ECLI:NL:CRVB:2018:388
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag na intrekking en bezwaar
Appellante diende op 2 juli 2014 een aanvraag om bijstand in, welke door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aanvankelijk werd afgewezen wegens het niet verstrekken van volledige en controleerbare gegevens. Na bezwaar werd de aanvraag alsnog buiten behandeling gesteld en uiteindelijk definitief afgewezen omdat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld zonder de gevraagde gegevens.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad overwoog dat de periode die door de bestuursrechter moet worden beoordeeld loopt vanaf de datum van de aanvraag tot de datum van de beslissing op bezwaar.
De Raad concludeerde dat appellante onvoldoende inzicht heeft gegeven in de relevante feiten en omstandigheden omtrent haar erfenis en andere gevraagde gegevens, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag van appellante wordt bevestigd wegens onvoldoende verstrekte gegevens.