ECLI:NL:CRVB:2018:394
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Greebe
- D. Hardonk-Prins
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
WAZ-uitkering afgewezen wegens niet-verzekerd zijn op eerste arbeidsongeschiktheidsdag
Appellant vroeg een WAZ-uitkering aan met als eerste arbeidsongeschiktheidsdag 1 september 1997 vanwege PTSS en depressieve klachten. Het UWV stelde echter vast dat appellant pas vanaf 1 juni 2005 arbeidsongeschikt was en dat hij op die datum niet verzekerd was voor de WAZ. De rechtbank wees het beroep van appellant af en ook de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze beslissing.
Appellant voerde aan dat hij reeds in 1997 arbeidsongeschikt was en verwees naar diverse medische stukken en adviezen. De Raad oordeelde echter dat uit de medische informatie niet kan worden afgeleid dat appellant vanaf 1997 niet kon werken. De medische rapporten toonden een knikmoment in 2005, niet eerder. Bovendien ligt het risico van een late aanvraag bij appellant.
De Raad wees het verzoek om schadevergoeding af en bevestigde het bestreden besluit van het UWV. Er was geen aanleiding voor het benoemen van een deskundige. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 9 februari 2018.
Uitkomst: De WAZ-uitkering is terecht geweigerd omdat appellant op de juiste eerste arbeidsongeschiktheidsdag niet verzekerd was.