Uitspraak
OVERWEGINGEN
10 september 2008 is geen rechtsmiddel ingediend, zodat deze rechtens onaantastbaar is geworden.
BESLISSING
J.C. Borman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 februari 2018.
Centrale Raad van Beroep
Appellant had kinderbijslag ontvangen voor zijn kinderen, maar de Sociale verzekeringsbank (Svb) beëindigde dit recht met terugwerkende kracht vanaf het vierde kwartaal van 1996 omdat appellant niet meer verzekerd was. Dit besluit werd door de Hoge Raad onherroepelijk bevestigd.
In 2007 vroeg appellant opnieuw kinderbijslag aan met terugwerkende kracht, maar de Svb kende dit slechts toe vanaf het derde kwartaal van 2006, omdat alleen één kind toen jonger dan 18 jaar was. Bezwaar en een herzieningsverzoek werden ongegrond verklaard, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij zich in 1999 weer in Nederland had gevestigd en dat de Svb niet op eerdere aanvragen had gereageerd. De Raad oordeelde dat deze feiten niet nieuw waren en dat de eerdere besluiten niet onmiskenbaar onjuist waren. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het hoger beroep af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum op 22 februari 2018.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit wordt bevestigd.