Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
T. Hemelrijk‑van den Oudenalder als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 14 maart 2018.
Centrale Raad van Beroep
Appellante stelde hoger beroep in tegen een vonnis van de kantonrechter van de rechtbank Overijssel waarin zij werd veroordeeld in proceskosten. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het bestreden vonnis geen uitspraak betrof als bedoeld in artikel 8:104, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor de Raad niet bevoegd was om kennis te nemen van het beroep.
De Raad stelde vast dat ook andere hogerberoeprechters geen bevoegdheid hadden en verwees naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden als de bevoegde instantie voor het hoger beroep. Appellante werd geadviseerd zich te wenden tot het Juridisch Loket of een advocaat om het hoger beroep correct in te dienen.
Er werd geen griffierecht in rekening gebracht en geen veroordeling in proceskosten opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter J. Brand en griffier T. Hemelrijk-van den Oudenalder op 14 maart 2018. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep en verwijst appellante naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.