ECLI:NL:CRVB:2018:777
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens verzwegen werkzaamheden
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet sinds april 2013. Naar aanleiding van een anonieme tip deed de sociale recherche onderzoek naar mogelijke verzwegen werkzaamheden bij een bedrijf. Uit waarnemingen en een verklaring van appellant bleek dat hij sinds oktober 2014 diverse werkzaamheden verrichtte zonder dit te melden.
Het college beëindigde en trok de bijstand in vanwege het schenden van de inlichtingenverplichting. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de werkzaamheden op geld waardeerbaar en structureel waren, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het om een vriendendienst ging en dat hij zijn verklaring aan de sociale recherche wilde intrekken. De Raad verwierp deze gronden, bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees op vaste jurisprudentie dat verklaringen aan sociale rechercheurs in beginsel betrouwbaar zijn.
De Raad bevestigde de intrekking van de bijstand en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de bijstand wegens verzwegen werkzaamheden en schending van de inlichtingenplicht.