ECLI:NL:CRVB:2018:84
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Na een gewijzigde beslissing op bezwaar door het college heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van proceskosten en schadevergoeding wegens gederfde wettelijke rente.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het schadevergoedingsverzoek niet ontvankelijk is omdat het pas na intrekking van het hoger beroep is ingediend en niet tijdens het beroep zelf, zoals vereist volgens artikel 8:91 Awb Pro. Dit verzoek wordt doorgezonden naar het college.
Met betrekking tot de proceskosten oordeelt de Raad dat het college, dat geheel aan de bezwaren tegemoet is gekomen, op verzoek van appellant kan worden veroordeeld tot vergoeding van de redelijk gemaakte kosten in beroep en hoger beroep. De Raad bepaalt de proceskosten op €1.503,- en wijst het schadevergoedingsverzoek af.
Uitkomst: Schadevergoedingsverzoek afgewezen; college veroordeeld tot betaling van €1.503,- aan proceskosten.