ECLI:NL:CRVB:2018:866
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering bijzondere bijstand wegens niet overleggen gevraagde stukken
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de eigen bijdrage van rechtsbijstand, maar leverde niet de gevraagde financiële documenten in, zoals bankafschriften en salarisspecificaties.
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees de aanvraag af vanwege het niet voldoen aan de inlichtingenplicht. Appellant kreeg meerdere kansen om de stukken alsnog te overleggen, ook na bezwaar en in hoger beroep, maar deed dit niet.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij psychisch ziek was en de stukken al had ingeleverd, maar dit werd niet onderbouwd met bewijs. De Raad oordeelde dat zonder de gevraagde gegevens het recht op bijzondere bijstand niet kan worden vastgesteld en dat het college daarom terecht de aanvraag heeft geweigerd.
De Raad bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijzondere bijstand bevestigd.