ECLI:NL:CRVB:2018:889
Centrale Raad van Beroep
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant. De Centrale Raad van Beroep heeft appellant meerdere malen gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €124,- en de termijn waarbinnen dit moest gebeuren.
Appellant deed een beroep op betalingsonmacht, maar heeft nagelaten het daarvoor benodigde formulier tijdig en volledig in te vullen en terug te sturen. Ondanks herhaalde verzoeken en het opvragen van een inkomensverklaring, die een verzamelinkomen van €0,- in 2015 aangaf, heeft appellant niet voldaan aan de informatieverplichtingen.
De Raad heeft appellant meerdere termijnen gegeven om alsnog de benodigde gegevens te verstrekken en het griffierecht te betalen, maar zonder resultaat. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.