ECLI:NL:CRVB:2019:1049
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om terug te komen van beëindiging Ziektewetuitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant was sinds 2008 arbeidsongeschikt na een bedrijfsongeval en ontving een Ziektewetuitkering die per 1 januari 2012 werd beëindigd omdat hij geschikt werd geacht voor zijn maatgevende arbeid. Appellant verzocht het UWV in 2015 om terug te komen op dit besluit, onder verwijzing naar een diagnose whiplashsyndroom uit 2012.
Het UWV wees dit verzoek af op basis van een medisch rapport waarin werd geconcludeerd dat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren die het eerdere besluit konden wijzigen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de medische informatie niet nieuw was en al in eerdere beoordelingen was betrokken.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad overwoog dat de brief van de revalidatiearts geen nieuw feit oplevert omdat de informatie al bekend was en dat het verzoek niet gebaseerd was op nieuwe feiten of omstandigheden. Ook was er geen sprake van evidente onredelijkheid van het besluit. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen van het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.