ECLI:NL:CRVB:2019:1316
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor tandheelkundige kosten wegens ontbreken zeer dringende redenen
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van tandheelkundige behandelingen die niet door de zorgverzekering werden vergoed. Het college wees de aanvraag af op grond van aflossing van schuld en het bestaan van een voorliggende voorziening, de Zorgverzekeringswet.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. Hij stelde dat er zeer dringende redenen waren vanwege een medische situatie met parodontitis die zonder behandeling tot blijvende schade zou leiden. De Raad onderzocht medische verklaringen en stelde vast dat hoewel parodontitis was vastgesteld, dit geen acute noodsituatie opleverde zoals vereist volgens vaste rechtspraak.
Ook het beroep op de hardheidsclausule werd verworpen omdat de kosten uiteindelijk door de zorgverzekeraar werden vergoed en er geen onbillijkheden van overwegende aard waren. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand bevestigd.