Uitspraak
17.5083 ZW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was productiemedewerker en meldde zich ziek met lichamelijke en psychische klachten. Het UWV heeft hem na medisch onderzoek per 29 juni 2016 geschikt verklaard voor zijn arbeid bij een soortgelijke werkgever en heeft het recht op ziekengeld beëindigd. Appellant maakte bezwaar en beroep tegen dit besluit, maar de rechtbank verklaarde dit ongegrond vanwege een zorgvuldige en voldoende gemotiveerde beoordeling door de verzekeringsartsen van het UWV.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren en vroeg om een onafhankelijke deskundige, onderbouwd met apotheekgegevens. De Centrale Raad van Beroep volgde het oordeel van de rechtbank en het UWV dat het begrip 'zijn arbeid' juist was toegepast en het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de beoordeling van de belastbaarheid van appellant.
De Raad concludeerde dat de klachten en medicatie van appellant waren meegewogen en dat er geen medische afwijkingen waren die de klachten konden verklaren. Er was geen noodzaak voor een onafhankelijk onderzoek. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen. De uitspraak werd bevestigd zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld wordt bevestigd.