Appellant, gediagnosticeerd met ADD en het syndroom van Asperger, kreeg door het UWV een WIA-uitkering geweigerd op grond van een 0% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) werd gehanteerd die beperkingen in samenwerken en contact met collega’s opnam, maar niet volledig tegemoet kwam aan de psychische beperkingen. In hoger beroep stelde appellant dat de geselecteerde functies onvoldoende solistisch waren en niet voldeden aan zijn beperkingen.
De Raad benoemde een onafhankelijke arbeidsdeskundige die concludeerde dat vier van de vijf geselecteerde functies passend waren, hoewel ook zij informele contacten met collega’s bevatten. De Raad oordeelde echter dat de beperkingen van appellant zodanig zijn dat alleen volledig solitaire functies geschikt zijn. Het bestreden besluit berustte daardoor op een ontoereikende grondslag en werd vernietigd.
Daarnaast werd vastgesteld dat de redelijke termijn in de procedure was overschreden, wat leidde tot een schadevergoeding van €1.500,- aan appellant. Het UWV werd veroordeeld tot het nemen van een nieuwe beslissing op bezwaar, waarbij beroep tegen die beslissing slechts bij de Raad kan worden ingesteld. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van appellant.