ECLI:NL:CRVB:2019:1938
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor extra bewassing en kleding wegens weigering medisch onderzoek
Appellante vroeg bijzondere bijstand aan op grond van de Participatiewet voor extra kosten van bewassing en kleding. Het college wees de aanvraag af omdat deze kosten tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan behoren en er al een tegemoetkoming voor meerkosten was toegekend.
Na bezwaar vroeg het college een medisch onderzoek aan om de noodzaak van de extra kosten vast te stellen, maar appellante weigerde hieraan mee te werken en verwees naar een eerder medisch advies in het kader van de Wmo. Het college handhaafde het besluit omdat het medisch onderzoek noodzakelijk was om de aanvraag te beoordelen en gegevens uit het Wmo-dossier niet gebruikt konden worden vanwege de Wet bescherming persoonsgegevens en het verschillende toetsingskader.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat appellante de bewijslast had en niet kon volstaan met het verwijzen naar het Wmo-medisch advies, mede omdat het college een zelfstandige onderzoeksbevoegdheid heeft bij de uitvoering van de Participatiewet. Zonder medisch onderzoek kon de noodzaak van de gevraagde kosten niet worden vastgesteld, waardoor de afwijzing terecht was.
Uitkomst: De afwijzing van bijzondere bijstand wordt bevestigd omdat appellante niet meewerkte aan het noodzakelijke medisch onderzoek.