ECLI:NL:CRVB:2019:2020
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken procesbelang na intrekking maatregel bijstand
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard waarbij zijn bijstand voor één maand met 100% was verlaagd. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard. Tijdens de procedure heeft het college het besluit van 12 augustus 2015 ingetrokken en de bijstand inclusief wettelijke rente nagekomen.
De Raad heeft ambtshalve onderzocht of appellant nog voldoende procesbelang had bij het hoger beroep. Uit vaste rechtspraak volgt dat procesbelang alleen aanwezig is als het nastreven van het resultaat feitelijk betekenis heeft voor de indiener. Omdat het college de maatregel heeft ingetrokken en de nabetaling met rente heeft gedaan, is het belang van appellant louter principieel.
Appellant voerde aan dat het college ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk had verklaard en dat de rechtbank onrechtmatig had geoordeeld, maar dit betreft een formeel belang dat niet leidt tot ontvankelijkheid. Daarom verklaart de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk en bepaalt dat het college het betaalde griffierecht vergoedt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na intrekking van de maatregel en betaling van bijstand met rente.