Uitspraak
15.7063 ZW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bepaalt dat het Uwv aan appellante het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van
€ 168,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam over de vaststelling van de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en de beoordeling van passende functies door het UWV.
De Raad heeft in een tussenuitspraak vastgesteld dat de FML op drie punten aangepast moest worden. Het UWV heeft vervolgens een nieuwe FML ingediend die deze aanpassingen bevatte. Appellante voerde aan dat de beperkingen onvoldoende werden meegewogen bij de beoordeling van de functies, met name over het werktempo en samenwerken in kleine groepen.
De Raad oordeelt echter dat de FML van 23 oktober 2018 correct is vastgesteld en dat appellante geen gronden heeft ingediend tegen deze lijst. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft met juistheid gemotiveerd dat de geselecteerde functies binnen de belastbaarheid van appellante vallen. De signaleringen over samenwerken zijn terecht niet als ontoelaatbare overschrijding beoordeeld.
Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Omdat het UWV pas in hoger beroep een juiste motivering heeft gegeven, wordt het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; UWV wordt veroordeeld in de proceskosten.