ECLI:NL:CRVB:2019:225
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WGA-loonaanvullingsuitkering gegrond verklaard na zorgvuldige medische beoordeling
Appellante, werkzaam als personeelsplanner, ontving vanaf 2011 een WGA-uitkering vanwege volledige arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling beëindigde het UWV in 2016 haar WGA-loonaanvullingsuitkering, gebaseerd op een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze beëindiging ongegrond, waarbij zij de medische beoordeling als zorgvuldig en overtuigend beoordeelde.
Appellante voerde in hoger beroep aan niet in staat te zijn 24 uur per week te werken en overhandigde aanvullende medische stukken. De Raad concludeerde echter dat deze nieuwe informatie geen aanleiding gaf om de eerdere medische beoordeling te herzien of een urenbeperking aan te nemen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep motiveerde uitgebreid waarom de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst van november 2015 juist waren vastgesteld.
Daarnaast oordeelde de Raad dat de geselecteerde functies door de arbeidsdeskundige medisch geschikt zijn voor appellante. Het hoger beroep faalt derhalve en de bestreden uitspraak wordt bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de WGA-loonaanvullingsuitkering van appellante zonder urenbeperking.