ECLI:NL:CRVB:2019:2420
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens niet gemelde alimentatie en kasstortingen
Appellante ontving bijstand op grond van de Participatiewet en maakte geen melding van ontvangen alimentatie en kasstortingen op haar bankrekening. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam herzag de bijstand en vorderde bedragen terug wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij op advies van een medewerker de alimentatie niet hoefde op te geven en dat de kasstortingen afkomstig waren van familie die gebruikmaakte van haar creditcard. De Raad oordeelde dat deze gronden niet slaagden omdat er geen ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan en de herkomst van kasstortingen onvoldoende was onderbouwd.
Ook het beroep op dringende redenen om van terugvordering af te zien werd verworpen wegens gebrek aan bijzondere omstandigheden. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van bijstand wegens niet gemelde alimentatie en kasstortingen wordt bevestigd.