ECLI:NL:CRVB:2019:2784
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aanvraag WAO-uitkering buiten behandeling gesteld wegens ontbreken benodigde gegevens
Appellant heeft op 24 augustus 2016 een aanvraag ingediend voor een WAO-uitkering. Het UWV gaf aan dat op basis van de beschikbare informatie geen uitkering kon worden toegekend vanwege het ontbreken van verzekeringsgegevens over de afgelopen vijf jaar. Appellant werd meerdere malen verzocht aanvullende gegevens te verstrekken, waaronder documenten over zijn verblijf en verzekering.
Ondanks herhaalde verzoeken heeft appellant niet binnen de gestelde termijnen de benodigde informatie aangeleverd. Het UWV stelde daarom de aanvraag buiten behandeling op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het UWV bevoegd was de aanvraag buiten behandeling te stellen. In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank. Er waren geen bijzondere omstandigheden die het niet tijdig aanleveren van gegevens konden rechtvaardigen.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en wees een veroordeling in proceskosten af. De aanvraag blijft buiten behandeling wegens onvoldoende gegevens binnen de gestelde termijnen.
Uitkomst: De aanvraag van appellant wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig aanleveren van benodigde gegevens.